Overslaan en naar de inhoud gaan

RUNDVEELOKET

Verhoogde melkgift aan Holstein kalveren: meer is beter!

 

Traditioneel wordt de melkgift aan kalveren beperkt tot 10% van het lichaamsgewicht. Recente inzichten tonen echter aan dat dit biologisch suboptimaal is. Een verhoogde melkgift van 8 tot 12 liter per dag – of zelfs ad libitum – sluit beter aan bij de natuurlijke behoeften van het kalf en leidt tot betere groei en ontwikkeling, verhoogd dierenwelzijn en mogelijks betere prestaties op latere leeftijd. Extra aandacht voor correct spenen is hierbij evenwel cruciaal.

Snellere groei

Veel onderzoeken illustreren duidelijk dat een hogere melkgift resulteert in een hogere groei vóór het spenen. Kalveren die meer melk krijgen, halen gemakkelijker een dagelijkse groei van 0,8 tot 1,0 kg en hoger gewicht bij spenen. Dit zorgt ervoor dat ze sneller het gewenste gewicht bereiken voor inseminatie. Op langere termijn vertaalt deze groeivoorsprong zich vaak in een hogere melkproductie in de eerste lactatie (en volgende), met verschillen die kunnen oplopen tot meer dan 1000 kg melk.

Om een groei van 0,8 kg/dag te realiseren is minstens 262 gram ruw eiwit (RE) en 4,85 Mcal metaboliseerbare energie (ME) nodig. Voor een groei van 1,0 kg/dag loopt dit op tot 315 gram RE en 5,66 Mcal per dag. Met melkpoeder met een RE gehalte van 26% komt dit overeen met een opname van 1 en respectievelijk 1,2 kg DS per dag. Van melkpoeder met een RE gehalte van 22 % moet je respectievelijk 1,2 en 1,43 kg DS vervoederen om aan voldoende eiwit te komen. Kies best voor een melkvervanger met meer RE (26-28%) en niet te veel vet (17-20%). Belangrijk is ook dat kalveren vanaf geboorte ook voldoende vers water ter beschikking hebben. (Meer info: eiwitgehalte melkvervangers)

De positieve effecten van een verhoogde melkgift op langere termijn (hogere melkproductie en langleefbaarheid) moeten vooral gezien worden in het voorzien van voldoende eiwit en energie boven de onderhoudsbehoefte. Deze optimale beschikbaarheid van nutriënten voor het kalf moet ook voldoende lang duren en uitgesproken zijn om effect te hebben. Het management moet ook dermate uitgewerkt zijn dat de groeivoorsprong behouden blijft en andere factoren het effect niet tegenwerken.

Kalveren

Spenen

Om de groeivoorsprong uit de melkfase vast te houden is extra aandacht voor het spenen cruciaal. Zonder aangepast management kan de winst vóór het spenen immers verloren gaan in de overgang naar vast voer. Bij een verhoogde melkgift zal de overgang naar krachtvoer trager verlopen. De kalveren halen immers meer nutriënten uit de melk. De tragere ontwikkeling van de pens die hieruit voortvloeit is geen abnormale ontwikkeling, maar eerder een uitgestelde fermentatieve stimulatie.

In een systeem van hoge melkgift speen je best traag en stapsgewijs (typisch tot 8 – 10 weken leeftijd). Te abrupt spenen leidt tot geremde groei en het vertonen van honger gerelateerd gedrag. Bij de overgang naar meer krachtvoer dient de eiwit-energie verhouding die het kalf in totaliteit opneemt ongeveer gelijk te blijven. Voldoende eiwit in het krachtvoer (26% RE) en minder vet zorgt ervoor dat de groei van mager weefsel en het skelet optimaal verder kan gaan en de vetaanzet beperkt blijft. Vermijd krachtvoer met veel zetmeel of weinig verteerbare vezels.

Welzijn: minder honger, meer natuurlijk gedrag

Een beperkte melkgift veroorzaakt duidelijke tekenen van chronische honger bij kalveren. Ze loeien meer, zijn onrustig en zijn vaak op zoek naar voeding. Bij verhoogde melkgift verdwijnen deze signalen grotendeels. Goed gevoede kalveren vertonen bovendien meer speelgedrag, wat een belangrijke indicator is van een positieve welzijnstoestand. Ook vermindert een verhoogde melkgift ongewenst gedrag zoals ‘cross-sucking’ en ondersteunt het een betere cognitieve en sociale ontwikkeling.

Voeding in de praktijk

Voor melkveehouders vertaalt dit zich in duidelijke richtlijnen. Een melkvoeding van minimaal 8 liter per dag, en bij voorkeur 20–25% van het lichaamsgewicht, is aan te bevelen. Bij gebruik van melkvervanger is een eiwitgehalte van 22 tot 26% essentieel voor een optimale ontwikkeling.

Hoewel kalveren bij hoge melkvoeding minder krachtvoer opnemen vóór het spenen, is dit normaal en geen probleem. Het blijft wel belangrijk om vanaf jonge leeftijd kwalitatief krachtvoer aan te bieden met voldoende eiwit en structuur. Belangrijk is dat de verhouding eiwit-energie hetzelfde blijft, ook als krachtvoer een groter deel van het opgenomen voeder uitmaakt. Daarnaast moet vers drinkwater altijd beschikbaar zijn, omdat dit cruciaal is voor de pensontwikkeling en algemene groei.

Het kritieke moment: spenen

De grootste uitdaging bij intensieve melkvoeding ligt in de speenfase. Door de lagere opname van krachtvoer ontwikkelt de pens trager, wat kan leiden tot een groeidip na het spenen – de zogenaamde “weaning slump”.

Om dit te voorkomen is een geleidelijke afbouw van de melk essentieel. Spenen gebeurt best pas wanneer het kalf voldoende krachtvoer opneemt (ongeveer 1,5 tot 2 kg per dag) en moet over meerdere weken gespreid worden. Abrupt spenen leidt tot stress, groeiverlies en een verminderde efficiëntie.

Gezondheid en robuustheid

Op vlak van gezondheid zijn er geen aanwijzingen dat een hogere melkgift leidt tot meer ziekte. Integendeel, met goed management ondersteunt een hogere melkgift de weerstand bij kalveren. Hoewel mest bij hogere melkhoeveelheden soms dunner is, gaat het doorgaans niet om infectieuze diarree maar om een fysiologisch effect van de hogere vochtopname.

Economische afweging

Een hogere melkgift betekent uiteraard hogere voerkosten in de melkfase. Toch hoeft dit geen nadeel te zijn. Wanneer de extra melk resulteert in een hogere groei, blijven de kosten per kilogram groei vergelijkbaar. Bovendien kunnen voordelen zoals een kortere opfokperiode, een hogere melkproductie en een grotere langleefbaarheid van de koe deze extra kosten ruimschoots compenseren.

Conclusie: een geïntegreerde aanpak loont

Een hogere melkgift (8 – 10 L/dag of ad libitum) in de eerste levensweken biedt duidelijke voordelen voor groei, welzijn en latere prestaties van melkvee. Het succes van een verhoogde melkgift hangt evenwel sterk af van het totale management. Meer melk geven alleen is niet voldoende. De voederstrategie moet afgestemd worden op een vlotte overgang naar vast voer, met aandacht voor de kwaliteit van het krachtvoer en een doordachte speenstrategie. Ook factoren zoals huisvesting, hygiëne en algemene bedrijfsorganisatie spelen een cruciale rol.

Gerelateerd

Bron:

INVITED REVIEW: Unlocking the Biological Potential of Dairy Calves through Elevated and Ad Libitum Milk Feeding. M. H. Ghaffari and H. M. Hammon. Journal of Dairy Science – Article in press